Een voegspijker wordt gebruikt om voegen na het aanbrengen van voegmortel te corrigeren, te verdiepen of strak af te werken. Tijdens het voegen kan overtollig materiaal of ongelijkmatige verdeling ontstaan. Met een voegspijker kan de voeg gecontroleerd worden nagelopen om een consistente diepte en vorm te creëren. Dit zorgt voor een gelijkmatig voegbeeld en een professioneler eindresultaat.
Een gelijkmatige voegdiepte is belangrijk voor zowel uitstraling als duurzaamheid. Te volle voegen kunnen rommelig ogen, terwijl te ondiepe voegen minder bescherming bieden. Met een voegspijker kan overtollig voegmiddel worden verwijderd voordat het volledig uithardt, waardoor de voeg strak en egaal wordt afgewerkt. Bij natuursteen of grootformaat tegels draagt een consistente voegdiepte bij aan een rustiger totaalbeeld.
Ook bij het plaatselijk herstellen van voegen is een voegspijker een praktisch hulpmiddel. Het maakt het mogelijk om nieuw voegmiddel zorgvuldig in de bestaande voeg te modelleren zonder omliggende tegels te vervuilen. Dit is vooral relevant bij kleinere reparaties of correcties.
Waar een voegbeitel wordt gebruikt om oude voegen te verwijderen, dient een voegspijker juist voor het modelleren en corrigeren van vers voegwerk. Beide gereedschappen hebben een andere functie binnen het voegproces en worden vaak in verschillende fasen toegepast.